Naar aanleiding van het versturen van de agenda voor de gemeenteraad van heden ontving het lokaal bestuur onderstaande vragen van mandatarissen.
Huishoudelijk reglement van de gemeenteraad art. 11 §3.
Enig artikel: De volgende antwoorden op de mondelinge vragen vanuit de LVB-fractie worden geformuleerd:
Vraag vanwege gemeenteraadslid LVB-fractie, Saskia Beeckmans:
Tussenkomst vanwege de voorzitter, Luc Decrick:
"Gemeenteraadsleden hebben het recht om schriftelijke en mondelinge vragen te stellen aan de leden van het college van burgemeester en schepenen, vanuit hun controlerol op het gemeentelijk beleid. Zij hebben het recht om hierover verantwoording te vragen aan de leden van het CBS. Binnen de vraagstelling aangaande de handelsgids wordt echter ook een vraag gesteld over een post van een schepen op diens persoonlijk sociale media-account. Deze vraag is geen vraag over het gemeentelijk beleid, en hoort dus niet thuis op de gemeenteraad. Ik verwijs hiervoor naar artikel 13 van het huishoudelijk reglement : "Art.13.§1. Raadsleden hebben het recht om schriftelijke en mondelinge vragen te stellen aan het college van burgemeester en schepenen over gemeentelijke aangelegenheden."
Bijgevolg wordt het tweede deel van de vraag van Saskia Beeckmans niet aanvaard en dient deze geschrapt te worden uit de notulering.
Antwoord vanwege de schepen, Kristof De Cuyper:
In de vraagstelling staan toch een aantal onwaarheden en/of pogingen om een negatieve sfeer te creëren rond een project en/of rond een persoon en/of rond een beleid. Ik verklaar me nader.
Het verhaal start met een idee en opmaak van een subsidieaanvraag. Deze werd ingediend volgens CBS dd. 6 oktober 2025 (gezien indieningsdatum liep tot 15 oktober 2025) en kreeg een provinciale subsidie toegewezen dd. 27 november 2025 waarvan CBS in kennis werd gesteld door de dienst dd.19 januari 2026. De startdatum van het project met subsidies vanwege de provincie Vlaams-Brabant was januari 2026. Van deze info werd vraagsteller destijds reeds in kennis gesteld via CBS beslissingen dd. 6 oktober 2025 en dd. 19 januari 2026.
Er werd effectief nagedacht over de aanpak. Kijkende naar de krappe personeelsbezetting , werd er bewust gekozen om te communiceren via het gemeentelijk informatieblad "Pepingen Informeert" en dit gedurende een lange periode - niet 1x maar 3x m.a.w in de edities van januari, februari en maart 2026. Het is correct dat de verantwoordelijkheid ook bij de lokale handelaar/ondernemer kwam te liggen ifv zich in te schrijven voor een gratise publicatie in de handelsgids. Er was namelijk sowieso enige insteek nodig vanwege de lokale handelaar/ondernemer zoals bv de rubriekkeuze. De drempel werd laag gelegd om iedere handelaar/ondernemer de kans te geven zijn/haar gegevens door te geven en gepubliceerd te krijgen. Vraagsteller kon dit lezen in CBS beslissing dd. 2 februari 2026. Meer dan twee maanden had men de tijd zich te registreren. Dit kon zowel digitaal via een QR code als analoog via inschrijvingsformulier. De gemeente beschikt helaas niet over een databank van lokale handelaars. Wat betreft de GDPR werd de insteek intern meegekregen dat verzamelde persoongegevens van bv de Roefeldag niet konden gebruikt worden voor de opmaak van de handelsgids. Deze instructie werd dan ook gevolgd. We moesten dus van nul beginnen.
De invulling van de Middenstandsraad (installatievergadering) - waarvan de vraagsteller kennis heeft via CBS beslissing- is daterend van 11 februari 2026. Onmiddellijk werd de Middenstandsraad in kennis gesteld van het project handelsgids "Ondernemend Pepingen" en ook met toelichting van het voortraject en reeds genomen beslissingen.
Er is wel degelijk ruim gecommuniceerd. Zowel in 3 opeenvolgende edities van het gemeentelijk blad Pepingen Informeert (namelijk editie januari, februari en maart 2026) als op Facebook, Instagram en via de gemeentelijke website zijn oproepen gepubliceerd aan alle ondernemers en handelaars om in te schrijven voor de "Handelsgids - ondernemend Pepingen". Alle leden van de middenstandsraad werden bovendien gevraagd hun netwerk aan te spreken. Was tevens een suggestie van de Middenstandsraad zelf in vergadering dd. 11 februari 2026.
De gids heeft betrekking op periode 2026 - 2028 en kan dus niet pas einde van 2026 uitkomen. In CBS dd. 9 april 2026 werd beslist extern prijs te vragen voor opmaak grafisch ontwerp en drukwerk, welke resulteerde in een gunning via CBS dd. 27 april 2026 met als doel naast een grafisch ontwerp ook in druk te gaan begin juni 2026 en werd er door CBS kennis genomen van de 72 geregistreerde lokale handelaars/ondernemers. In CBS dd. 11 mei 2026 werd beslist vrijblijvende offertes te vragen ifv het lanceringsmoment van de handelsgids. Niet alleen de middenstandsraad werd hiervan ingelicht dd. 5 mei 2026 maar ook de vraagsteller heeft hier kennis van via CBS beslissingen dd. 9 april , dd. 27 april , dd. 11 mei , 18 mei en dd. 22 mei 2026 . Het lanceringsmoment werd mede vastgelegd door de provincie gezien hun financiële bijdrage. Middenstandsraad was van mening dat er vooruit kon gegaan worden en dat het jammer was dat niet iedereen op de oproepen inging. In het persartikel na de lanceringsavond staat ook een verwijzing en appreciatie naar de Middenstandsraad. In het artikel van Pepingen Informeert editie juni 2026 staat letterlijk ".... Een van de eerste concrete engagementen is de steun voor de handelsgids Pepingen 2026-2028. Dit initiatief van de gemeente Pepingen en de provincie Vlaams-Brabant wil lokale handelaars en ondernemingen extra zichtbaar maken. De middenstandsraad zal actief meewerken aan de promotie van deze gids."
De databank die we nu hebben aangelegd, zal als basis gebruikt worden voor de 2e editie van de handelsgids , indien we hiervoor opnieuw een subsidie kunnen bekomen bij de provincie Vlaams-Brabant. De oproep om deze lijst aan te vullen, zal gebeuren in het najaar van 2028.
Als schepen heb ik absoluut geen kritiek geuit - noch mondeling, noch schriftelijk - aan het adres van de zelfstandigen zelf , laat staan aan de leden van de middenstandsraad. Deze bewering vanwege de vraagsteller is dan ook volledig foutief.
Al deze info is reeds bekend via CBS beslissingen. Waarom stelt de vraagsteller dan pas haar vragen nadien ? Vraagsteller heeft zich geregistreerd voor een gratise opname in de handelsgids. Vraagsteller heeft ook met partner deelgenomen aan de feestelijke lanceringsavond van de handelsgids. Op geen enkel moment werd er toen een vraag gesteld, een suggestie gedaan en/of kritische noot geuit. Nu op de gemeenteraadszitting van 29 juni 2026 wel.
Ook op het communicatiekanaal van LVB was er een oproep tot inschrijving, waarvoor dank. Maar jammer genoeg heeft dit dan ook niet ervoor kunnen zorgen dat alle lokale handelaars/ondernemingen zich hebben geregistreerd. Jammer , maar het is zo. Wij wijzen echter niemand aan.
De gemeente is officieel via mails gevat vanwege twee lokale handelaars, welke per kerende een schriftelijk antwoord als verduidelijking hebben ontvangen.
Het is jammer dat de vraagsteller zo kritisch is. Mag dit : ja, kan dit: ja ...... maar is dit hoffelijk : neen.
En zeker niet als we even kijken naar vorige legislatuur.
In vorige legislatuur - periode 2019/2024 - was er geen invulling van de Middenstandsraad
In vorige legislatuur was er ook geen handelsgids
In vorige legislatuur was er ook geen opmaak van een databank met beschikbare en bruikbare info
Het is dus helemaal niet correct om het project handelsgids "Ondernemend Pepingen 2026 - 2028" zo te kleineren. We zouden dit beter omarmen, ondersteunen en opbouwen ipv afbreken. Bij deze wens ik dan nogmaals alle mensen te bedanken die hieraan meegewerkt hebben. Het is weldegelijk een succes en ik kijk alvast uit naar de volgende editie 2029-2031 (inclusief een digitale versie) , want die gaat exploderen naar aantal gepubliceerde lokale handelaars/ondernemers.
Gelukkig horen we ook positieve signalen van de mensen en dat geeft opnieuw de energie om dagelijks zich opnieuw in te zetten voor oa een ondernemend Pepingen waar het mooi leven, werken en vertoeven is.
Wat betreft de verdere opmaak van een databank lokale handelaars zal er samen met de middenstandsraad nagedacht worden op welke werkwijze we dit samen kunnen doen. M.a.w er zal niet gewacht worden tot het najaar van 2028.
Vraag vanwege gemeenteraadslid LVB-fractie, Rudi Seghers:
In de aangrenzende gemeenten Tubize en Rebecq , wordt momenteel een project onderzocht voor de plaatsing van 3 windturbines van 200 meter hoog in de omgeving van de Rue de Ham, Chaussée d'Enghien, Rue Quehain, Rue du Platain Bois, Een eerste informatievergadering zou plaatsgevonden hebben op 4 juni. Volgens de beschikbare informatie zou deze windturbine op zeer korte afstand van de gemeentegrens met Pepingen worden ingeplant, meer bepaald in de nabijheid van Kasteel Ten Dael, Trop, Heikruissteenweeg… Een dergelijk project kan belangrijke gevolgen hebben voor de inwoners van onze gemeente, en het landschap; Daarom de volgende vragen voor het college:
Antwoord vanwege de schepen, Kristof De Cuyer:
1.Gezien de geruchten werd op interne vraag reeds op 29 mei 2026 een mail gestuurd door onze coördinator Omgeving richting de gemeente Tubeke met de vraag of deze informatie correct is. Zo ja, of men ons de informatie van dit dossier zou spoedig mogelijk zou willen overmaken.
Op 23 juni 2026 werd de gemeente Pepingen gevat met een antwoordmail vanwege de gemeente Tubeke. Hieruit blijkt het volgende:
-er is momenteel nog geen officiële vergunningsaanvraag voor windturbines ingediend bij de administratie van de gemeente Tubeke;
-volgens lokale informatie zou een projectontwikkelaar wel van plan zijn om de komende maanden een aanvraag in te dienen.
-het betrokken terrein staat op een Waalse kaart met potentiële locaties voor windenergieprojecten.
-een milieueffectenstudie zou al lopen en betrokken landbouwers zouden reeds gecontacteerd zijn ifv grondgebruik,
-de gemeente Tubeke heeft echter nog geen officiële informtie ontvangen en kent de identiteit van de projectontwikkelaar niet
Daarnaast werd de gemeente gevat via een mail dd. 12 juni 2026 vanwege een collectief van omwonenden zijnde bewoners van de omgeving van de Rue de Ham in Rebecq en omliggende wijken. De inhoud van de mail is een opsomming van aandachtspunten en vraag tot waakzaamheid , dit alles in een constructieve dialoog. Vanuit het collectief werd gewezen op het feit dat een grondige toetsing aan de bestemmingsvoorschriften, de relevante rechtspraak en de principes van een goede ruimtelijke ordening een rol spelen en het van belang is dat deze kwesties vanaf de eerste fase van het dossier nauwkeurig worden geanalyseerd. Daar zijn : landschappelijke gevoeligheid van de site, nabijheid van woningen en levenskwaliteit, noodzaak aan een grondige effectenanalyse
In de mail doet men ook de suggestie , gelet de aanwezige expertise binnen de kern van het collectief, om ondersteuning te geven bij het opstellen van een gedetailleerd en onderbouwd advies, zoals dat ook gebeurde in 2011 en 2013 voor eerdere projecten op dezelfde locaties.
2.Aangezien er geen officieel dossier is , kan er ook geen officieel standpunt ingenomen worden
3.De gemeente Pepingen heeft reeds stappen ondernomen en zal dit verder blijven opvolgen.
Vraag vanwege gemeenteraadslid LVB-fractie, Lotte Van Cutsem:
Antwoord vanwege de burgemeester, Peter Van Cutsem:
Wij wensen te verduidelijken dat het gemeentebestuur van Pepingen tot op heden geen enkele officiële communicatie heeft ontvangen waarin de mogelijkheid werd geboden om zich aan te sluiten bij het beroep tegen de federale pensioenregeling. Ook tijdens overlegmomenten, zoals het burgemeestersoverleg of andere regionale overleg, is dit dossier nooit ter sprake gekomen.
Wij hebben dan ook pas vorige week, via de berichtgeving in de pers, kennisgenomen van het initiatief en van de deelname van een aantal lokale besturen, waaronder Lennik. Het is dan ook jammer dat hierover geen voorafgaande afstemming met de regio heeft plaatsgevonden.
Daarnaast is het nuttig om de cijfers in hun context te plaatsen. Tot op vandaag hebben 62 van de 545 lokale besturen zich aangesloten bij het initiatief. Dat betekent dat een ruime meerderheid van de lokale besturen ervoor heeft gekozen om dit niet te doen. Ook in onze onmiddellijke regio heeft, voor zover ons bekend, geen enkel ander omliggend lokaal bestuur zich aangesloten. Dat illustreert dat besturen hierin elk hun eigen juridische, financiële en beleidsmatige afweging maken.
Wat de pensioenlast betreft, is het belangrijk om te benadrukken dat de uiteindelijke financiële impact voor een lokaal bestuur onder meer wordt bepaald door de responsabiliseringsbijdrage. Die is verschuldigd wanneer de totale pensioenuitgaven hoger liggen dan de opbrengst van de basisbijdrage. De omvang van die impact is dus afhankelijk van verschillende factoren en evolueert jaarlijks. Daarom lijkt het ons aangewezen om dit dossier, samen met de financiële dienst, grondig te analyseren zodat we een correct beeld krijgen van de huidige en toekomstige financiële gevolgen voor Pepingen.
Wat een eventuele aansluiting bij het lopende initiatief betreft: omdat wij pas recent kennis hebben genomen van dit engagement, onderzoeken wij momenteel nog de context, de modaliteiten en de eventuele mogelijkheid om alsnog aan te sluiten of op een andere manier aan te haken bij gezamenlijke stappen. Zodra daarover duidelijkheid is, zal het bestuur hierover terugkoppelen.
Vraag vanwege gemeenteraadslid LVB-fractie, Johan Peetroons:
Antwoord vanwege de burgemeester, Peter Van Cutsem:
Er wordt gesuggereerd dat de start van de werken in Terheugen pas op het laatste moment zou zijn gecommuniceerd. Dat beeld klopt niet met de feiten zoals die zich hebben voorgedaan en zoals ze ook stapsgewijs zijn gecommuniceerd.
Reeds op 5 mei ontvingen alle betrokken bewoners van de Nerebosstraat, Terheugenstraat en Terheugen een uitnodiging voor de infovergadering van 27 mei. In die brief werd duidelijk vermeld dat de aannemer de eerste fase van de werken zou aanvatten in juni 2026. Daarmee werd dus al een duidelijke timing meegegeven binnen de beschikbare informatie op dat moment.
Op 27 mei vond vervolgens de infovergadering zelf plaats, waar de planning en fasering uitgebreid werd toegelicht aan de bewoners. Tijdens die vergadering werd ook bevestigd dat de aannemer half mei de definitieve startdatum had vastgelegd op 1 juni. Op dat moment was er dus effectief sprake van een geconcretiseerde en definitieve planning, die meteen met de aanwezige inwoners werd gedeeld.
Daarnaast is het belangrijk om te benadrukken dat de startvergadering met alle betrokken partijen zoals de aannemer, studiebureau, Aquafin en reeds plaatsvond op 27 maart, en dat het verslag daarvan ook werd voorgelegd aan het schepencollege. Tijdens die startvergadering werd expliciet gevraagd om, zodra mogelijk, een duidelijke richtperiode door te geven. Dat was net bedoeld om tijdig afstemming mogelijk te maken met lokale organisaties, zoals wandel-, loop- en fietsevents, interne organisaties zoals “Schatten van Vlieg”, en andere lokale activiteiten. Ook in de coördinatievergadering van 2 april met organisatoren van evenementen werd die informatie gedeeld.
Belangrijk is dus dat er vanaf begin mei een duidelijke en formele communicatie naar de bewoners is gebeurd, en dat er ongeveer een maand voorafgaand aan de effectieve start een concrete startdatum gekend en meegedeeld was. De eerdere communicatie met een voorlopige timing was noodzakelijk en functioneel om de praktische planning met lokale actoren mogelijk te maken.
De stelling dat de start “tot op het laatste moment” niet bekend zou zijn geweest, is dan ook niet correct. De informatie werd gefaseerd en zodra ze beschikbaar en bevestigd was, ook onmiddellijk gedeeld met de betrokken inwoners.
Vraag vanwege gemeenteraadslid LVB-fractie, Greta Cochez:
Pepingen kiest voor hondenlosloopweide in geboorteboomgaard.
Antwoord vanwege de schepen, Kristof De Cuyper:
Vraag vanwege gemeenteraadslid LVB-fractie, Eddy Timmermans:
Antwoord vanwege de burgemeester, Peter Van Cutsem:
Na rondvraag in de buurt van het perceel blijkt dat het terrein werd gemaaid door een loonwerker, zoals ook in het verleden gebeurde.
Bij navraag bij de technische dienst met betrekking tot het onderhoud van dit perceel werd bevestigd dat zij hiervoor geen opdracht hebben ontvangen in het verleden en dus ook geen nieuwe opdracht hebben uitgevaardigd voor deze periodieke maaibeurt.
Wat betreft de marktbevraging en de toewijzing: voor het ter beschikking stellen van dit perceel voor privégebruik wordt niet gewerkt met een marktbevraging, maar met een oproep tot kandidaatstelling. In dit geval is er dus geen marktbevraging geweest.
Vraag vanwege gemeenteraadslid LVB-fractie, Sander Geerts:
Het schepencollege plant om werken te laten uitvoeren in de zagerij, tegelijk werden er al onvergunde werken opgestart:
Antwoord vanwege de schepen, Kristof De Cuyper:
In de eerste zin van de vraagstelling wordt naast een voorafname (schepencollege plant om werken te laten uitvoeren in de zagerij) ook reeds een beoordeling gedaan (tegelijk werden er al onvergunde werken opgestart).
Graag enige rechtzetting : ten eerste plant het schepencollege geen werken te laten uitvoeren in de zagerij. Dit is een project vanwege Infano. Alle werken die er gebeuren zijn in opdracht en onder de verantwoordelijkheid van Infano. Ten tweede is er tot op heden geen enkele vraag naar onderzoek over eventuele onvergunde werken. De vraagsteller heeft dit onderzoek blijkbaar zelf gedaan aangezien er reeds een beoordeling in de vraagstelling staat geformuleerd.
Wat wel correct is , is dat in de vorige legislatuur er een omgevingsvergunning afgeleverd werd aan Infano voor de verbouwing van de oude zagerij.
Door tussenkomst van de nieuwe bestuursploeg sinds 3 januari 2025 heeft Infano binnen de vervaltermijn een aanvang der werken uitgevoerd. Zo niet was de destijds afgeleverde omgevingsvergunning niet meer geldig. Op basis van deze vergunning heeft de bouwheer zijn uitvoeringswerken gestart.
Blijkbaar heeft u kennis van een nieuwe omgevingsaanvraag. Na interne navraag op de dienst ruimtelijke ordening blijkt er op 4 juni 2026 via het omgevingsloket effectief een nieuwe omgevingsaanvraag met betrekking tot het gebouw oude zagerij te zijn ingediend.
Na nazicht op volledigheid door de omgevingsambtenaar zal de procedure opgestart worden.
Er wordt vanavond kennis genomen van de vraag of eerder te beschouwen als een melding / klacht vanwege het raadslid en deze zal dus ook per kerende overgemaakt worden aan de omgevingsambtenaar. Indien er effectief werken in uitvoering zijn zonder vergunning en dit is vastgesteld, zal aan de bouwheer per kerende schriftelijk gevraagd worden deze werken te stoppen. Tevens maken we deze vraag, samen met het gegeven antwoord ook reeds preventief over aan de bouwheer, maar weet dat het vrijstellingsbesluit van de Vlaamse Regering dd. 1 maart 2026 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is aangeeft in punt 2 van het besluit dat er oa voor handelingen aan gevels en daken, zonder de energieprestatie van het gebouw te verslechteren en zonder fysiek bouwvolume te wijzigen en in punt 4 van het besluit voor binnenverbouwingen er geen omgevingsvergunning nodig is.