Terug
Gepubliceerd op 24/09/2026

Besluit  OCMW-Raad

ma 29/06/2026 - 19:30

Visum - Aanpassing categorieën vrijgesteld van visumverplichting

Aanwezig: Luc Decrick, Voorzitter
Peter Van Cutsem, Burgemeester
Kristof De Cuyper, Hanneke Agneessens, Suzanne De Cort, Schepenen
Eddy Timmermans, Greta Cochez, Rudi Seghers, Patrick Vanbellinghen, Saskia Beeckmans, Marleen Pollé, Sander Geerts, Lotte Van Cutsem, Johan Peetroons, Frieda Moriau, Raadsleden
Nancy Mathijs, Algemeen directeur wn.
Verontschuldigd: Leen Deneyer, Algemeen directeur
Aanleiding

In het kader van de vernieuwing van de aankoopprocedure, dient ook de visumbeslissing bijgewerkt te worden, meer bepaald de categorieën vrijgesteld van visumverplichting.

Regelgeving

Gelet op het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en de bijhorende besluiten en omzendbrieven van de Vlaamse regering:

- artikel 177, eerste lid, 1° van het decreet over het lokaal bestuur :

De financieel directeur staat in volle onafhankelijkheid in voor de voorafgaande krediet- en wetmatigheidscontrole van de beslissingen van de gemeente en van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn met budgettaire en financiële impact, overeenkomstig de voorwaarden, vermeld in artikel 266 en 267.

- artikel 266 van het decreet over het lokaal bestuur :

De voorgenomen financiële verbintenissen die resulteren in een uitgaande nettokasstroom zijn onderworpen aan een voorafgaand visum, voordat enige verbintenis kan worden aangegaan.

De financieel directeur onderzoekt de wettigheid en regelmatigheid van die voorgenomen verbintenissen in het kader van zijn opdracht vermeld in artikel 177, eerste lid, 1°. Hij verleent zijn visum, als uit dat onderzoek de wettigheid en regelmatigheid van de voorgenomen verbintenis blijkt. Hij kan voorwaarden koppelen aan zijn visum. Als de financieel directeur weigert zijn visum te verlenen, of als hij er voorwaarden aan koppelt, motiveert hij dat.
De gemeenteraad/raad voor maatschappelijk welzijn bepaalt, na advies van de financieel directeur, de nadere voorwaarden waaronder de financieel directeur de controle, vermeld in het tweede lid, uitoefent. De gemeenteraad/raad voor maatschappelijk welzijn kan binnen de perken die vastgelegd zijn door de Vlaamse Regering, en na advies van de financieel directeur, bepaalde categorieën van verrichtingen uitsluiten van de visumverplichting.

- artikel 267 van het decreet over het lokaal bestuur :

Als de financieel directeur weigert om een visum te verlenen aan een voorgenomen verbintenis, kan het college van burgemeester en schepenen/vast bureau op eigen verantwoordelijkheid viseren. In dat geval brengt het college van burgemeester en schepenen/vast bureau de gemotiveerde beslissing van de financieel directeur, samen met zijn eigen beslissing, ter kennis van de gemeenteraad/raad voor maatschappelijk welzijn.
De verbintenis kan pas worden aangegaan nadat de gemeenteraad/raad voor maatschappelijk welzijn heeft kunnen kennisnemen van die beslissing van het college van burgemeester en schepenen/vast bureau.

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering d.d. 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen, inzonderheid artikel 99 bepaalt dat de raad de volgende categorieën van verrichtingen niet kan uitsluiten van de visumverplichting :

1° de aanstelling van statutaire personeelsleden;
2° de aanstelling van contractuele personeelsleden voor onbepaalde duur;
3° de aanstelling van contractuele personeelsleden voor een periode van één jaar of meer;
4° de verbintenissen waarvan het bedrag hoger is dan 50.000 euro;
5° de verbintenissen die een contractuele looptijd hebben van meer dan één jaar en waarvan het jaarlijkse bedrag hoger is dan 25.000 euro;
6° de investeringssubsidies waarvan het bedrag hoger is dan 10.000 euro.

Bij opeenvolgende contracten voor de aanstelling van contractuele personeelsleden voor dezelfde functie moet de totale duur worden aangenomen voor de toepassing van deze bepaling.

Gelet op de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van bestuurshandelingen;

Gelet op de wet van 11.04.1994 betreffende de openbaarheid van bestuur;

Gelet op het bestuursdecreet van 7 december 2018;

Gelet op de beslissingen van de OCMW-raad van 19/10/2009 en 23 maart 2021;

Feiten en context

De voorgenomen financiële verbintenissen die resulteren in een uitgaande nettokasstroom zijn onderworpen aan een voorafgaand visum, voordat enige verbintenis kan worden aangegaan.

De gemeenteraad/raad voor maatschappelijk welzijn bepaalt, na advies van de financieel directeur, de nadere voorwaarden waaronder de financieel directeur de controle uitoefent. De gemeenteraad/raad voor maatschappelijk welzijn kan binnen de perken die vastgelegd zijn door de Vlaamse Regering, en na advies van de financieel directeur, bepaalde categorieën van verrichtingen uitsluiten van de visumverplichting.

 

Op voorstel van het vast bureau dd. 15/06/2026;

Publieke stemming
Aanwezig: Luc Decrick, Peter Van Cutsem, Kristof De Cuyper, Hanneke Agneessens, Suzanne De Cort, Eddy Timmermans, Greta Cochez, Rudi Seghers, Patrick Vanbellinghen, Saskia Beeckmans, Marleen Pollé, Sander Geerts, Lotte Van Cutsem, Johan Peetroons, Frieda Moriau, Nancy Mathijs
Voorstanders: Luc Decrick, Peter Van Cutsem, Kristof De Cuyper, Hanneke Agneessens, Suzanne De Cort, Patrick Vanbellinghen, Marleen Pollé, Frieda Moriau
Onthouders: Eddy Timmermans, Greta Cochez, Rudi Seghers, Saskia Beeckmans, Sander Geerts, Lotte Van Cutsem, Johan Peetroons
Resultaat: Met 8 stemmen voor, 7 onthoudingen
Besluit

Enig artikel: In vervanging van de beslissing van de OCMW-raad van 23 maart 2021, sluit de OCMW-raad alle financiële verbintenissen uit van de visumverplichting, met uitzondering van:

1° de aanstelling van statutaire personeelsleden;
2° de aanstelling van contractuele personeelsleden voor onbepaalde duur;
3° de aanstelling van contractuele personeelsleden voor een periode van één jaar of meer (uitgezonderd een tewerkstelling met toepassing van artikel 60, paragraaf 7, van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn;);
Bij opeenvolgende contracten voor de aanstelling van contractuele personeelsleden voor dezelfde functie moet de totale duur worden aangenomen
4° de verbintenissen waarvan het bedrag hoger is dan 30.000 euro (excl. BTW);
5° de verbintenissen die een contractuele looptijd hebben van meer dan één jaar en waarvan het jaarlijkse bedrag hoger is dan 25.000 euro (excl. BTW);
6° de investeringssubsidies waarvan het bedrag hoger is dan 10.000 euro.