Terug
Gepubliceerd op 09/07/2026

Besluit  Gemeenteraad

di 26/05/2026 - 19:30

Mondelinge vragen aan het college volgens art. 11 §3 huishoudelijk reglement

Aanwezig: Luc Decrick, Voorzitter
Peter Van Cutsem, Burgemeester
Kristof De Cuyper, Hanneke Agneessens, Suzanne De Cort, Schepenen
Patrick Vanbellinghen, Marleen Pollé, Frieda Moriau, Raadsleden
Leen Deneyer, Algemeen directeur
Verontschuldigd: Eddy Timmermans, Greta Cochez, Rudi Seghers, Saskia Beeckmans, Sander Geerts, Lotte Van Cutsem, Johan Peetroons, Raadsleden
Aanleiding

Naar aanleiding van het versturen van de agenda voor de gemeenteraad van heden ontving het lokaal bestuur onderstaande vragen van mandatarissen.

Regelgeving

Huishoudelijk reglement van de gemeenteraad art. 11 §3.

Besluit

 

Enig artikel: De volgende antwoorden op de mondelinge vragen vanuit de LVB-fractie worden geformuleerd:


De Voorzitter van de gemeenteraad leest de vragen voor:


Vragen vanwege gemeenteraadslid LVB-fractie, Rudi Seghers: 


  • Financiering en toekomst  van Digibanken: Pepingen stapte samen met Halle en Gooik in het project Digibanken. Dit samenwerkingsproject werd gefinancierd met Vlaamse subsidies . Dankzij deze  samenwerking en  de inzet van het bibliotheekpersoneel en de vrijwilligers  kon de voorbije jaren sterk worden ingezet op digitale inclusie en ondersteuning van inwoners die moeilijk hun weg vinden in de steeds verder digitaliserende samenleving. Dit project vulde dus een maatschappelijke nood in.  De Vlaamse overheid heeft ondertussen aangegeven dat er momenteel geen nieuwe subsidierondes voorzien zijn voor Digibanken na juli 2026. De nood aan digitale hulp, begeleiding en e-inclusie blijft echter  zeer groot, zeker bij ouderen, kwetsbare gezinnen en mensen die minder digitaal vaardig zijn. Voorlopig is er nog geen officiële beslissing van Pepingen bekend over wat er exact zal gebeuren nadat de Vlaamse subsidies voor de Digibanken in juli 2026 aflopen

Daarom  de volgende vragen:

  • blijft de werking  Pepingen zoals ze nu is  na juli 2026 behouden?
  • Welke financiele middelen zal de gemeente hiervoor voorzien?
  • Blijft de samenwerking met Halle en Gooik/Pajottegem verder bestaan?

 

Antwoord vanwege schepen, Hanneke Agneessens: Dank u voor uw vraag.

Dat het lokaal bestuur veel belang hecht aan verdere digitale ondersteuning van onze inwoners, blijkt uit het feit dat hiervoor middelen werden opgenomen in het meerjarenplan en dat er ondertussen ook al gerichte voorbereidingen gebeuren om de dienstverlening na afloop van het huidige Digibankenproject verder te zetten.

Zo komt donderdagnamiddag een vertegenwoordiger van Avansa toelichting geven over een mogelijke samenwerking rond de verdere ondersteuning van de digihelpers. Daarbij zullen ook verschillende huidige digihelpers aanwezig zijn om mee in overleg te gaan over de toekomstige werking.

Daarnaast staat het verderzetten van de digiplek ook geagendeerd op de bijeenkomst van de bibliotheekraad van maandag, waar dit verder inhoudelijk besproken zal worden.

Blijft de werking in Pepingen na juli 2026 behouden?

Pepingen wil de digitale ondersteuning in de bibliotheek ook na afloop van het huidige Digibankenproject blijven verderzetten, al zullen er wel enkele wijzigingen zijn in de organisatie van de werking.

Een belangrijk onderdeel daarvan is het behoud van het wekelijkse digihelper-spreekuur, door Avansa ook wel “digidokter” genoemd. Dat spreekuur vindt plaats op woensdagnamiddag van 15u tot 17u in de bibliotheek en biedt inwoners de mogelijkheid om gratis terecht te kunnen met individuele digitale vragen.

Voor de vrijwilligers wordt een vrijwilligersvergoeding voorzien, in lijn met het systeem dat ook binnen het vroegere Digibankenproject werd toegepast. In de toekomst zal hiervoor rechtstreeks een vrijwilligersovereenkomst met de gemeente worden afgesloten, zodat deze werking correct en duurzaam georganiseerd kan worden.

Bij een eerste bevraging gaven verschillende huidige digihelpers reeds aan bereid te zijn om mee na te denken over een verder engagement in Pepingen. Daarnaast vraagt Avansa ook om bijkomende vrijwilligers te zoeken. De intake en begeleiding van kandidaat-vrijwilligers zullen daarbij door Avansa worden ondersteund.

Daarnaast wil de bibliotheek ook blijven inzetten op digitale vorming. Samen met Avansa Halle-Vilvoorde wordt momenteel bekeken om jaarlijks twee cursustrajecten te organiseren, één in het voorjaar en één in het najaar. Daarbij wordt gedacht aan een driedelige basiscursus smartphonegebruik en een driedelige basiscursus Windows, aangezien dit vandaag de meest gevraagde thema’s blijken te zijn.

Deze cursussen zullen georganiseerd worden door Avansa en brengen een kost mee voor de gemeente. Er wordt daarom ook onderzocht of een beperkte deelnemersbijdrage mogelijk en wenselijk is. De concrete modaliteiten moeten hierover nog verder besproken worden binnen de bibliotheekraad.

Daarnaast wordt ook bekeken of digihelpers, na bijkomende vorming via Avansa, gratis thematische infosessies kunnen aanbieden rond concrete digitale onderwerpen, zoals werken met itsme, veilig online werken, foto’s beheren op smartphone of computer, enzovoort. Voor dergelijke sessies voorziet Avansa zowel inhoudelijke ondersteuning als de vrijwilligersvergoeding voor de lesgevers.

Welke financiële middelen zal de gemeente hiervoor voorzien?

Voor 2026 is op budgetsleutel AR 6430800 – “Tussenkomst in samenwerkingsovereenkomsten – Project e-inclusie” een bedrag van 2.500 euro voorzien. Ook in de volgende jaren zijn middelen voorzien voor het project e-inclusie.

Bij de opmaak van het meerjarenplan was echter nog niet bekend dat Halle de bestaande samenwerkingsovereenkomst na afloop van het Digibankenproject zou stopzetten. De concrete financiële invulling en eventuele bijsturingen zullen daarom de komende periode verder bekeken en uitgewerkt worden op basis van de nieuwe situatie.

Met deze middelen wil het lokaal bestuur ruimte creëren voor de verderzetting van het wekelijkse digihelper-spreekuur, de ondersteuning en vorming van vrijwilligers en een basisaanbod aan digitale cursussen en infosessies.

Blijft de samenwerking met Halle en Gooik/Pajottegem verder bestaan?

De intergemeentelijke samenwerking binnen het huidige Digibankenproject loopt af op 31 juli 2026, samen met het einde van de Vlaamse projectsubsidies.

Vanuit Halle werd reeds aangegeven dat men nadien enkel de Digiplek in de eigen bibliotheek verder zal behouden. Daarom wordt vanuit Pepingen momenteel vooral ingezet op een lokale verderzetting in eigen beheer.

Wel blijft samenwerking met regionale partners belangrijk. In dat kader wordt momenteel bekeken hoe Avansa Halle-Vilvoorde een ondersteunende rol kan opnemen, onder meer op vlak van communicatie, ondersteuning van vrijwilligers, planning en vorming.

Op die manier wil Pepingen ook na het aflopen van de Vlaamse subsidies blijven inzetten op digitale inclusie en toegankelijke digitale ondersteuning voor alle inwoners.

 

 

  • Preventief gezondheidsbeleid: Gezondheidsmakers vroeg  om een bijkomende  samenwerkingsovereenkomst te ondertekenen bovenop het "charter gezonde gemeente" dat reeds ondertekend werd in mei 2025. Om  het charter meer draagkracht te geven wordt gestreefd  naar een concrete vertaling naar acties en maatregelen binnen deze legislatuur Er moest ook beslist worden of we enkel werken met de gratis ondersteuning door Gezondheidsmakers of bijkomend kiezen voor een nieuwe formule van dienstverlening met credits (plusformules). In vele gemeenten werd deze samenwerkingsovereenkomst voorgelegd aan de GR. 

Waarom verkoos Pepingen om dit niet te doen  en dit punt enkel op het college van februari te behandelen?
Wat moeten wij ons voorstellen bij de vernieuwde samenwerkingsovereenkomst en welke zijn dan concreet de acties en maatregelen waarvan sprake ?


Antwoord vanwege schepen, Hanneke Agneessens: De gemeenteraad heeft op 22 april 2025 reeds het charter ‘Gezonde Gemeente’ goedgekeurd. De samenwerkingsovereenkomst die nadien door Gezondheidsmakers werd bezorgd, is in essentie een verdere operationalisering en concretisering van dat eerder goedgekeurde engagement. Daarom werd geoordeeld dat dit niet opnieuw ter goedkeuring aan de gemeenteraad moest worden voorgelegd, maar kon behandeld worden op het college van burgemeester en schepenen.

Dat standpunt werd ook bevestigd in het mailverkeer met Gezondheidsmakers zelf, waarin werd aangegeven dat het charter reeds was goedgekeurd en dat de bijkomende overeenkomst vooral dient om het engagement verder te concretiseren binnen deze legislatuur.

De vernieuwde samenwerkingsovereenkomst voorziet vooral in een praktische en inhoudelijke omkadering van de samenwerking tussen de gemeente en Gezondheidsmakers voor de periode 2026-2031. De overeenkomst bepaalt hoe het lokaal preventief gezondheidsbeleid verder zal worden ondersteund en opgevolgd.” 

Concreet gaat het daarbij niet om één vooraf vastgelegd actieplan, maar om een kader waarbinnen de gemeente samen met Gezondheidsmakers kan werken rond preventieve gezondheid. In de overeenkomst staan verschillende engagementen en werkprincipes opgenomen.

Zo engageert de gemeente zich onder meer om:

  • preventieve gezondheid mee op te nemen in het meerjarenplan 2026-2031;
  • helder en inclusief te communiceren rond gezondheid;
  • burgers te betrekken bij gezondheidsinitiatieven;
  • samen te werken over verschillende beleidsdomeinen heen;
  • aandacht te hebben voor kwetsbare doelgroepen en gezondheidsongelijkheid;
  • voldoende tijd en middelen te voorzien voor gezondheidsbevordering.

Daarnaast voorziet de overeenkomst dat Gezondheidsmakers ondersteuning biedt via coaching, begeleiding, beleidsinstrumenten, campagnes, vormingen en gezondheidsdata.

De zogenaamde “acties en maatregelen” slaan dus op concrete preventieve gezondheidsacties die tijdens de legislatuur verder kunnen worden uitgewerkt, bijvoorbeeld:

  • sensibiliseringscampagnes rond gezonde voeding, beweging of mentaal welzijn;
  • ondersteuning van rookstop- of valpreventie-initiatieven;
  • gezondheidsbevorderende acties in scholen, verenigingen of publieke ruimte;
  • advies rond een gezonde leefomgeving;
  • het gebruik van gezondheidsdata en beleidsinstrumenten om prioriteiten te bepalen;
  • intersectorale samenwerking via het principe ‘Health in All Policies’.

Belangrijk is ook dat de overeenkomst een onderscheid maakt tussen:

  • de gratis algemene dienstverlening van Gezondheidsmakers;
  • en de nieuwe betalende “Plusformule” met credits.

Het college heeft expliciet beslist om voorlopig enkel gebruik te maken van de gratis algemene dienstverlening en momenteel geen credits aan te kopen. Indien er in de toekomst specifieke noden zouden zijn waarvoor bijkomende ondersteuning wenselijk is, kan dat later nog afzonderlijk bekeken en gemotiveerd worden.

De vernieuwde samenwerkingsovereenkomst betekent dus vooral:

  1. een administratieve en inhoudelijke concretisering van het reeds goedgekeurde charter;
  2. een verduidelijking van de dienstverlening van Gezondheidsmakers;
  3. en een engagement om preventieve gezondheid structureel verder op te nemen binnen het lokaal beleid gedurende de legislatuur 2026-2031.

 


  • Verkeer: Waarom worden er op de Hondzochtstraat 2 snelheidsmeters geplaatst op slechts 100 m van mekaar en in dezelfde richting ?

 

Antwoord vanwege schepen, Suzanne De Cort: We plaatsen het SIB bord gedurende ongeveer 3 weken op verschillende plaatsen in de gemeente om een duidelijk beeld te krijgen van de verkeersdrukte en snelheden. Ondanks het feit dat er al een snelheidsaangevend bord staat in de Hondzochtstraat werd het extra SIB bord inderdaad iets lager in de straat geplaatst naar aanleiding van een bespreking in de mobiliteitsraad over de snelheid in de Hondzochtstraat. Er werd aangegeven dat men net voorbij de spoorweg nog hoge snelheden haalt en dat met iets verderop al begint te vertragen. Een paar extra meetwaarden om een duidelijk beeld te vormen, schaadt niemand denk ik. Dat het bord in dezelfde richting staat doet er niet toe. Het bord meet immers het aantal verkeersbewegingen en snelheden in beide richtingen afzonderlijk en het heeft in dit geval niet zozeer als doel chauffeurs te informeren maar eerder ons als bestuur te informeren. Het staat daar op die plaats ook veilig en volgende week wordt het alweer verplaatst naar een volgende locatie.

 

 

  • Adviesraden: Als gemeenteraadslid nemen wij in de collegeverslagen kennis van het feit dat een adviesraad  heeft plaatsgevonden. In het collegeverslag wordt ook vermeld dat het verslag op de website te raadplegen is . Dit is niet altijd het geval . Zo vinden we bvb  niets terug over de mobiliteitsraad.  Bovendien laten sommige huishoudelijke reglementen toe om per mail goedkeuring te vragen van het verslag Dit werd toegevoegd om de gemeenteraadsleden vroeger op de hoogte te kunnen  stellen van de adviezen en de werkzaamheden  van de adviesraden  bvb seniorenadviesraad Artikel 13: Verslagen Na de vergadering wordt het verslag per mail verzonden naar de leden van de adviesraad met als vermelding binnen de 7 dagen goedkeuring te geven of opmerkingen over te maken (deadline wordt steeds vermeld). Na deze periode worden de verslagen als goedgekeurd beschouwd en kunnen ze op het college ter kennisgeving en op de website geplaatst worden. Op de eerstvolgende vergadering kan de kennisgeving van het goedgekeurde verslag geagendeerd worden 

Waarom worden niet alle verslagen van de adviesraden op de gemeentelijke website geplaatst? Waarom wordt geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om de verslagen per mail te laten goedkeuren ?


Antwoord vanwege schepen, Suzanne De Cort:  Voor wat betreft de mobiliteitsraad, werd op het CBS van 20 april kennisgenomen van het goedgekeurde verslag van de eerste adviesraad en werd tegelijkertijd de beslissing genomen om dit op de website te plaatsen. Door afwezigheid van de mobiliteitsambtenaar werd dit nog niet gedaan maar jullie kunnen eenvoudig een mailtje sturen mocht blijken dat een verslag van een of andere adviesraad vertraagd op de website gepubliceerd wordt. Daarvoor moet niet gewacht worden op het vragenmoment van de gemeenteraad.

 

Antwoord vanwege burgemeester, Peter Van Cutsem: Wat de verslagen betreft, gaat het concreet om één verslag van de mobiliteitsraad dat nog niet gepubliceerd werd op de website.

Wat betreft het gebruik van de mogelijkheid om verslagen per mail te laten goedkeuren, dient rekening gehouden te worden met de administratieve verwerking en de timing van de goedkeuringsprocedure.

Daarnaast is er na een vergadering eerst tijd nodig voor de verslaggever om het verslag op te maken en te bezorgen aan de leden van de adviesraad. Pas vanaf de verzending start de termijn van zeven dagen waarbinnen leden opmerkingen kunnen formuleren of hun goedkeuring kunnen geven, zoals voorzien in sommige huishoudelijke reglementen. Daarbij moet ook rekening gehouden worden met het feit dat niet alle leden over een e-mailadres beschikken.

Bovendien bevatten niet alle huishoudelijke reglementen de mogelijkheid om verslagen via mail goed te keuren.

Enkel definitief goedgekeurde verslagen kunnen ter kennisgeving worden voorgelegd aan het schepencollege en nadien gepubliceerd worden op de gemeentelijke website.

 

 

Vragen vanwege gemeenteraadslid LVB-fractie, Eddy Timmermans: 

 

  • Openbare werkenWelk is de stand van zaken met betrekking tot aanvang van  de werken in de Trapstraat
  • Putten in de weg ter hoogte van Terlindenkapel: opvolging? Waarom niet nagekeken en aangepakt vóór de doortocht van het reeds lang aangekondigde evenement van de 1000km voor KOTK. Honderden fietsers en hun begeleiders op motorfietsen moesten er voorbij. Tot vorige legislatuur werd het parcours van grote wandel-, loop- of fietsevenenement steevast gecheckt ruime tijd voor de start en werd de route veilig gemaakt.  Hoe gebeurt de parcourscheck nu?  Kan dit opnieuw systematisch gedaan worden voor de veiligheid van bewoners, bezoekers en passanten?

 

Antwoord vanwege burgemeester, Peter Van Cutsem: 

Onderdeel 1 van de mondelinge vraag over de Trapstraat:

De riolerings- en wegeniswerken in de Trapstraat zullen dit jaar niet meer heropstarten. In overleg met het studiebureau, rioolbeheerder en opdrachtgever Fluvius en de aannemer werd beslist om de werken uit te stellen tot begin 2027.

In eerdere communicatie werd meegedeeld dat de werken in maart/april van dit jaar opnieuw zouden starten. Intussen is echter gebleken dat een verdere optimalisatie van de plannen voor de bufferbekkens noodzakelijk is. Daarom werd beslist de planning aan te passen.

Daarnaast speelt ook de uitvoeringsperiode een belangrijke rol. Indien de werken begin juni zouden herstarten, zouden de meest ingrijpende fasen midden in de winterperiode vallen. Dat is technisch en praktisch niet ideaal en zou bijkomende hinder kunnen veroorzaken voor de bewoners.

Concreet betekent dit dat de riolerings- en wegeniswerken in de Trapstraat pas begin 2027 opnieuw van start zullen gaan.

De bewoners van de straat werden hierover reeds geïnformeerd via een brief en per e-mail. Daarnaast wordt dit onderwerp ook opgenomen als “vraag van de maand” in de editie van juni van Pepingen Informeert, die deze week wordt bedeeld.

Onderdeel 2 van de mondelinge vraag over de grote wandel-, loop- of fietsevenement:

Aan de procedure is niets veranderd. Voor doortochten of wedstrijden gebeurt nog steeds een voorafgaande controle van het parcours in overleg met de betrokken diensten. Daarbij wordt nagegaan of tijdelijke signalisatie, herstellingen of bijkomende veiligheidsmaatregelen nodig zijn.

Wat de situatie ter hoogte van de Terlindenkapel betreft, erkennen we dat er zich twee putten bevonden aan de overgang van de asfaltstrook naar de kasseien.

We willen daarbij ook benadrukken dat meldingen van schade of gevaarlijke situaties best rechtstreeks aan de gemeente worden bezorgd. Wanneer problemen eerst via sociale media circuleren, bereikt de informatie de bevoegde diensten immers niet, terwijl een melding toelaat gerichter op te treden.

Ook in de toekomst blijft het de bedoeling om bij grotere evenementen, zoals wielerwedstrijden en doortochten zoals de Gordel, tijdig een parcourscheck uit te voeren en waar nodig gepaste ingrepen te doen.

 

  • Vijf jaar ERF Vlaams-Brabant:  Erf helpt om de ambitie van gemeenten waar te maken om erfgoed niet alleen te bewaren, maar ook toekomstgericht in te zetten. De komende vijf jaar is er ongeveer 4 miljoen euro aan beschikbare subsidies. ERF geeft aan dat de klemtoon nu nadrukkelijk verschuift naar uitvoering. Bestaande samenwerking met Pepingen, eerste stappen zijn in vorige legislatuur gezet om o.a. de OLV Terlindenkapel aan te pakken en open te stellen voor publiek. Wat is stand van zaken?

 

Antwoord vanwege schepen, Hanneke Agneessens: De eerste stappen rond de OLV Terlindenkapel werden inderdaad al in de vorige legislatuur gezet, samen met de Erfgoedstichting Vlaams-Brabant. Het doel daarbij was en blijft om de kapel niet alleen te bewaren, maar ook opnieuw toegankelijk en betekenisvol te maken voor inwoners en bezoekers.

Uit het mailverkeer blijkt ook duidelijk dat het dossier de voorbije periode actief is blijven lopen. Sinds de zomer van 2025 is er op regelmatige basis contact geweest tussen het lokaal bestuur en de Erfgoedstichting over de verdere aanpak van het dossier, de financiële haalbaarheid, het architectendossier en mogelijke toekomstige invullingen van de kapel.

Vanuit mijn bevoegdheid heb ik het dossier ook verder opgevolgd en op verschillende momenten opnieuw contact opgenomen met de Erfgoedstichting om de stand van zaken op te vragen en verdere mogelijkheden te bespreken, onder meer in januari, maart en mei 2026.

De Erfgoedstichting heeft ondertussen overleg gehad met het Agentschap Onroerend Erfgoed. Daar werd begrip getoond voor de financiële context en voor een gefaseerde aanpak waarbij in eerste instantie vooral instandhoudingswerken zouden gebeuren met de middelen die momenteel beschikbaar zijn. Het architectenbureau werkt daarom aan een aangepaste raming om de kapel opnieuw veilig open te stellen voor het publiek binnen een haalbaar budget.

Daarnaast werd ook gekeken naar een mogelijke hedendaagse invulling van de site. In het overleg kwamen onder meer ideeën naar voren rond een herdenkings- of troostplek. In dat kader heeft de Erfgoedstichting contacten gelegd met verschillende organisaties en experten die werken rond rouwbeleving, religieus erfgoed en herbestemming. Ook pistes zoals samenwerking met lokale verenigingen en initiatieven rond troostplekken werden besproken.

Verder blijkt uit de communicatie dat men ook geprobeerd heeft om lokale betrokkenheid te organiseren via contacten met het dorpscomité van Heikruis en andere partners, om zo mee na te denken over de toekomst van de kapel.

Er zijn dus wel degelijk al verschillende stappen gezet: overleg met erfgoedinstanties, contacten met architecten en experten, het onderzoeken van subsidies en het uitwerken van een haalbaar concept. Uiteraard wachten we vandaag nog op verdere concrete terugkoppeling rond de aangepaste raming en het verdere uitvoeringsvoorstel, maar het dossier ligt zeker niet stil.

We blijven dit verder opvolgen samen met de betrokken partners zodat we op een realistische manier kunnen werken aan de toekomst van deze erfgoedsite.

 

 Vragen vanwege gemeenteraadslid LVB-fractie, Sander Geerts: 

 

  • Reparatie fietspad: Op de Ninoofsesteenweg tegenover het gemeentehuis werden werken uitgevoerd aan het fietspad, de strook tussen het voetpad en fietspad ligt al wekenlang onaangeroerd erbij waarbij de stenen gevaarlijk uitsteken. Wanneer zal/heeft het gemeentebestuur actie ondernemen/ondernomen om deze gevaarlijke situatie op te lossen? 

 

Antwoord vanwege Burgemeester, Peter Van Cutsem:  We hebben ondertussen contact opgenomen met de nutsmaatschappij en de aannemer die de werken heeft uitgevoerd om deze situatie zo snel mogelijk te laten oplossen.

Dergelijke meldingen horen mijns inziens niet thuis bij de mondelinge vragen, aangezien het hier louter om een technische kwestie gaat. Indien de melding al rechtstreeks via de gemeentelijke diensten was doorgegeven, had dit waarschijnlijk al eerder aangepakt kunnen worden. Uiteraard nemen we de melding wel ernstig en volgen we dit verder op.

 

 

 Vragen vanwege gemeenteraadslid LVB-fractie, Rudi Seghers: 

  • Brand Tubize: Maandagochtend laat brak er brand uit in een textielpand aan de Rue de la Filature in Tubize.  Vanwege de giftigheid van de dampen, met name die welke verband houden met de aanwezigheid van asbestdeeltjes, werden inwoners van Tubize en omliggende gemeenten dringend verzocht binnen te blijven, deuren en ramen gesloten te houden en alle onnodige reizen te vermijden.  Sommige inwoners van Pepingen kregen rond 13u30   via 8686  enkel het bericht  om niet naar de brandweer te bellen. Het bericht van B-Alert via 1789 om ramen en deuren te sluiten kwam in Pepingen pas  iets voor of iets na 15u. Soms in het Nederlands en het Frans, soms enkel in het Frans en soms enkel in het Nederlands. Op de kaartjes van B-alert stond Pepingen rood ingekleurd . De gemeente Pepingen postte enkel via Hoplr een bericht van B-Alert met de vraag ramen en deuren te sluiten.

 

Vragen

  • Waarom werden inwoners van  Pepingen pas rond 15u via B-Alert verwittigd om ramen en deuren gesloten te houden, terwijl de brand al uren eerder woedde en Pepingen op de risicokaarten rood was ingekleurd?
  • Waarom communiceerde de gemeente enkel via Hoplr en niet bijkomend via de gemeentelijke website, sociale media of andere kanalen?
  • Waarom kregen  inwoners verschillende B-Alertberichten, soms enkel in het Frans of enkel in het Nederlands, soms in beide landstalen ?
  •  Zal dit voorval geëvalueerd worden zodat inwoners bij toekomstige incidenten sneller en duidelijker geïnformeerd worden?

 

Antwoord vanwege Burgemeester, Peter Van Cutsem: 

Gisteren om 12:59 werd ik telefonisch gecontacteerd door de Noodcentrale Leuven met de melding dat er brand was in Clabecq/Tubize. Men bevestigde dat de brandweer ter plaatse was en verzocht om via ons BE-Alert-systeem een bericht te verspreiden over de situatie, gelet op de rookpluim die ook vanuit onze regio goed zichtbaar was. Daarbij werd expliciet gevraagd om het bericht te verspreiden, om niet naar de noodcentrale te bellen, dit om de lijnen vrij te houden voor andere dringende oproepen.

Deze instructies werden onmiddellijk opgevolgd. Het BE-Alert-bericht vanuit Pepingen werd verzonden en werd om 13:25 ontvangen.

Vanaf dat moment werd de verdere communicatie blijkbaar gecoördineerd door de provinciale noodplanning en de gouverneur. De daaropvolgende BE-Alert- en Hoplr-berichten werden in dat kader en op hun opdracht verspreid. Ook ik ontving deze meldingen via BE-Alert Vlaams-Brabant.

Door het ontbreken van bijkomende of meer gedetailleerde informatie vanuit de provinciale noodplanning kon ik de situatie nadien enkel verder opvolgen via beschikbare nieuwskanalen en andere publieke informatiekanalen. Op basis van de toen beschikbare kaarten en informatie bleek dat Pepingen niet binnen het risicogebied werd weergegeven, in tegenstelling tot Halle, Dilbeek, Sint-Genesius-Rode, Sint-Pieters-Leeuw en Pajottegem.

Met betrekking tot de taal van de berichten (Nederlands, Frans of beide) kan worden vastgesteld dat er op dat vlak variaties waren in de berichtgeving.

Ik ben van mening dat de informatie vanuit de noodplanning Vlaams-Brabant op bepaalde punten duidelijker had kunnen zijn, in het bijzonder met betrekking tot de exacte afbakening van het risicogebied (bijvoorbeeld wat precies wordt bedoeld met “de omgeving”). Ook had er bijkomend rechtstreeks en duidelijkere communicatie naar mij toe kunnen plaatsvinden, zodat er op lokaal niveau duidelijker zicht was op de situatie en de verwachte acties.

Deze opmerkingen en aandachtspunten zullen worden overgemaakt aan het kabinet van de gouverneur, zodat dit incident kan worden geëvalueerd en de communicatie bij toekomstige noodsituaties sneller, duidelijker en via verschillende infokanalen kan verlopen.